S
teunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting

franÁais

Feiten en cijfers

Tabellen EU-SILC 2008

 

Tabel 1a-2008: Armoederisicopercentage (= het percentage personen met een equivalent netto beschikbaar inkomen lager dan 60% van het mediaan netto nationaal equivalent inkomen), Europese lidstaten, SILC 2008 (inkomen 2007)

EU-25

16

BelgiŽ

15

Bulgarije

21

Cyprus

16

Denemarken

12

Duitsland

15

Estland

19

Finland

14

Frankrijk

13

Griekenland

20

Hongarije

12

Ierland

16

ItaliŽ

19

Letland

26

Litouwen

20

Luxemburg

13

Malta

15

Nederland

11

Oostenrijk

12

Polen

17

Portugal

18

RoemeniŽ

23

SloveniŽ

12

Slowakije

11

Spanje

20

TsjechiŽ

9

Verenigd Koninkrijk

19

Zweden

12

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

afgeronde cijfers
bron:
Eurostat

 

Tabel 1b-2008: Armoederisicopercentage (= het percentage personen met een equivalent netto beschikbaar inkomen lager dan 60% van het mediaan netto nationaal equivalent inkomen) naar geslacht, BelgiŽ, gewesten en EU-25, SILC 2008 (inkomen 2007)

 

BelgiŽ

Vlaams Gewest

Waals Gewest

EU-25*

Vrouwen

15,8

11,1

21,1

17

Mannen

13,6

9,0

17,8

15

Totaal

14,7

10,0

19,5

16

De steekproef is te klein om betrouwbare cijfers te geven voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
* afgeronde cijfers

bron: FOD Economie Ė Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie
: EU-SILC 2008

 

Tabel 1c-2008: Armoederisicopercentage (= het percentage personen met een equivalent netto beschikbaar inkomen lager dan 60% van het mediaan netto nationaal equivalent inkomen) naar geslacht, BelgiŽ, gewesten en EU-25, SILC 2008 (inkomen 2007)

 

 

BelgiŽ

Vlaams Gewest

Waals  Gewest

Brussels

Hoofdstedelijk

Gewest*

EU--25**

 

 

Totaal

Vrouw

Man

Totaal

Vrouw

Man

Totaal

Vrouw

Man

Totaal

Vrouw

Man

Totaal

Vrouw

Man

 

2004

 

14,3

15,2

13,5

10,8

11,6 

9,9

17,0

17,8

16,2

27

 

 

16

17

15

 

2005

 

14,8

15,5

14,1

11,3

11,9

10,7

16,8

17,9

15,7

29,6

 

 

16

17

15

 

2006

 

14,7

15,6

13,7

11,4

12,3

10,5

17,1

17,7

16,2

25,9

 

 

16

17

15

 

2007

 

15,2

15,9

14,4

10,9

11,6

10,2

18,8

19,9

17,7

28,2

 

 

16

17

15

2008

14,7

15,8

13,6

10,0

11,1

9,0

19,5

21,1

17,8

 

 

 

16

17

15


*De steekproef is te klein om betrouwbare cijfers te geven voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
** afgeronde cijfers

bron
nen: NAPincl 2008-2010: indicatoren; FOD Economie Ė Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie: EU-SILC 2007, EU-SILC 2008 en Eurostat

 

Tabel 1d-2008: Armoederisicopercentage (= het percentage personen met een equivalent netto beschikbaar inkomen lager dan 60% van het mediaan netto nationaal equivalent inkomen) naar leeftijd en geslacht, BelgiŽ en gewesten, SILC 2008 (inkomen 2007)

 

BelgiŽ

Vlaams Gewest

Waals Gewest

 

Totaal

Vrouw

Man

Totaal

Vrouw

Man

Totaal

Vrouw

Man

Totaal

14,7

15,8

13,6

10,0

11,1

9,0

19,5

21,1

17,8

0-15

16,6

17,9

15,4

9,7

10,6

8,7

24,0

25,7

22,4

16-24

17,5

16,5

18,5

9,0

7,7

10,4

24,2

23,7

24,8

25-49

10,4

11,9

8,9

5,8

6,8

4,7

15,1

17,7

12,4

50-64

13,7

14,9

12,6

10,7

12,2

9,3

16,5

17,7

15,3

65 en +

21,3

22,0

20,2

19,4

20,3

18,2

24,0

25,0

22,5

0-64

13,5

14,5

12,5

 

 

 

 

 

 

16-64

12,6

13,6

11,6

 

 

 

 

 

 

Voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zijn geen cijfers beschikbaar.       
bron: FOD Economie Ė Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie
: EU-SILC 2008

 

Tabel 1e-2008: Armoederisicopercentage (= het percentage personen met een equivalent beschikbaar netto-inkomen lager dan 60% van het mediaan netto nationaal equivalent inkomen) naar leeftijd en geslacht, EU-25 en BelgiŽ, SILC 2008 (inkomen 2007)

 

EU-25*

 

BelgiŽ*

 

 

 

 

Totaal

Vrouw

Man

Totaal

Vrouw

Man

0-15

 

19

20

19

17

18

15

16-24

 

20

21

19

18

17

19

25-49

 

14

14

13

10

12

9

50-64

 

14

14

13

14

15

13

65 en +

 

19

21

16

21

22

20

*afgeronde cijfers
bron: Eurostat

 

Tabel 1f-2008: Armoederisicopercentage (<60% van het mediaan netto-inkomen) (bevolking 16 jaar en ouder) naar meest frequente activiteitsstatus* en geslacht, BelgiŽ en gewesten, SILC 2008 (inkomen 2007)

 

 

 

BelgiŽ

Vlaams Gewest

Waals Gewest

 

 

 

Totaal

Vrouw

Man

Totaal

Vrouw

Man

Totaal

Vrouw

Man

werkend

 

4,8

5,2

4,5

3,9

4,3

3,6

5,7

5,9

5,6

niet werkend:
totaal

 

23,7

23,4

24,0

16,8

17,0

16,4

29,7

30,0

29,4

niet werkend: werkloos

 

34,8

32,9

36,6

20,2

17,2

22,9

41,9

41,8

42,0

niet werkend: gepensioneerd

 

18,4

18,7

18,1

16,6

17,5

15,7

20,9

20,6

21,3

niet werkend:
ander

 

24,8

24,6

25,3

15,9

16,6

14,5

32,7

33,5

31,4

Voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zijn geen cijfers beschikbaar.
* De meest frequente activiteitsstatus is gedefinieerd als de status die mensen verklaren te hebben ingenomen gedurende meer dan de helft van het aantal maanden in het voorafgaand kalenderjaar.
bron: FOD Economie Ė Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie
: EU-SILC 2008

 

Tabel 1g-2008: Armoederisicopercentage (<60% van het mediaan netto-inkomen) (bevolking 16 jaar en ouder) naar meest frequente activiteitsstatus* en geslacht, EU-25 en BelgiŽ, SILC 2008 (inkomen 2007)

 

EU-25**

BelgiŽ**

 

Totaal

Vrouw

Man

Totaal

Vrouw

Man

werkend

8

8

8

5

5

5

niet werkend: totaal

23

23

23

24

23

24

niet werkend: werkloos

44

41

48

35

33

37

niet werkend: gepensioneerd

16

17

15

18

19

18

niet werkend: ander

26

26

26

25

25

25

* De meest frequente activiteitsstatus is gedefinieerd als de status die mensen verklaren te hebben ingenomen gedurende meer dan de helft van het aantal maanden in het voorafgaand kalenderjaar.
** afgeronde cijfers
bron: Eurostat

 

Tabel 1h-2008: Armoederisicopercentage (<60% van het mediaan netto-inkomen) naar werkintensiteit en wonend in huishouden met of zonder kinderen, BelgiŽ en gewesten, en EU-25, SILC 2008 (inkomen 2007)

 

BelgiŽ

Vlaams Gewest

Waals Gewest

EU-25*

 

zonder afh. Kinderen

met afh. Kinderen

zonder afh. Kinderen

met afh. Kinderen

zonder afh. Kinderen

met afh. Kinderen

zonder afh. Kinderen

met afh. Kinderen

werkintensiteit 0

32,2

74,7

24,0

57,4

37,2

76,8

32

62

werkintensiteit tussen 0-1

7,1

20*

4,8

 

9,8

 

11

23

werkintensiteit tussen 0-0,5

13*

48,6

 

41,0

 

56,4

22

45

werkintensiteit tussen 0,5-1

4*

12,9

 

6,4

 

19,9

8

20

werkintensiteit 1

2,9

4,7

3,6

4,1

1,6

6,2

5

7

Werkintensiteit: volledig jaar geen werk (0), tussen volledig jaar geen werk en jaar volledig gewerkt (tussen 0 en 0,5 of 0,5 en 1), volledig jaar gewerkt (1)
Voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zijn geen cijfers beschikbaar.   
* afgeronde cijfers
bron: FOD Economie Ė Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie
: EU-SILC 2008 en Eurostat

 

Tabel 1i-2008: Armoederisicopercentage (<60% van het mediaan netto-inkomen) naar huishoudtype*, BelgiŽ en gewesten, SILC 2008 (inkomen 2007)

 

BelgiŽ

Vlaams Gewest

Waals Gewest

1persoonshuish. Totaal

22,5

18,9

27,0

1persoonshuish. Man -65 jaar

18,7

12,9

23,0

1persoonshuish. Vrouw -65 jaar

23,6

19,8

29,6

1persoonshuish. Man 65 en +

20,9

17,6

23,9

1persoonshuish. Vrouw 65 en +

27,0

25,4

31,2

2 volwass. Geen afh. Kind.
(min 1 65+)

20,9

19,4

23,4

2 volwass. Geen afh. Kind.
(beide Ė65)

7,6

5,4

9,6

Andere huish. Geen afh. Kinderen

7,2

5,3

10,2

Alle huishoudens zonder afh. Kinderen

14,9

12,0

18,4

eenoudergezin

39,5

28,5

49,4

2 volwass. 1 afh. Kind

7,4

2,6

10,6

2 volwass. 2 afh. Kinderen

8,0

5,2

10,5

2 volwass. 3 of meer afh. Kinderen

15,7

9,5

23,4

Andere huish. Met kind

14,7

7,8

16,4

Alle huishoudens met afh. Kinderen

14,7

8,2

20,8

*afhankelijke kinderen worden gedefinieerd als mensen van 0 tot en met 15 jaar + mensen van 16 tot en met 24 jaar indien ze inactief zijn en inwonen bij tenminste ťťn ouder.
Voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zijn geen cijfers beschikbaar.   
bron: FOD Economie Ė Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie
: EU-SILC 2008

 

Tabel 1j-2008: Armoederisicopercentage (<60% van het mediaan netto-inkomen) naar huishoudtype*, EU-25, SILC 2008 (inkomen 2007)

 

EU-25**

BelgiŽ **

1persoonshuish. Totaal

25

22

1persoonshuish. Man

23

19

1persoonshuish. Vrouw

27

25

1persoonshuish. -65 jaar

24

21

1persoonshuish. 65 +

27

25

2 volwass. Geen afh. Kind.
(min 1 65+)

15

21

2 volwass. Geen afh. Kind.
(beide Ė65)

10

8

1oudergezin met afh. Kinderen

35

39

2 volwass. 1 afh. Kind

12

8

2 volwass. 2 afh. Kinderen

14

8

2 volwass. 3 of meer afh. Kinderen

25

16

3 of meer volwassenen

9

6

Alle huishoudens met afh. Kinderen

17

15

Alle huishoudens zonder afh. Kinderen

15

15

* afhankelijke kinderen worden gedefinieerd als mensen van 0 tot en met 15 jaar + mensen van 16 tot en met 24 jaar indien ze inactief zijn en inwonen bij tenminste ťťn ouder.
** afgeronde cijfers
bron: Eurostat

 

Tabel 1k-2008: Armoederisicopercentage  (<60% van het mediaan netto-inkomen) naar opleidingsniveau (bevolking 18+), BelgiŽ en EU-25, SILC 2008 (inkomen 2007)



 

EU-25

BelgiŽ



 

Totaal

Vrouw

Man

Totaal

Vrouw

Man


lage opleiding

 

23

24

22

23

24

21


gemiddelde opleiding

 

13

14

12

11

13

10


hoge opleiding

 

7

7

6

6

5

6

afgeronde cijfers
bron:
Eurostat

 

Tabel 1l-2008: Armoederisicopercentage (<60% van het mediaan netto-inkomen) naar eigenaar/huurder status, BelgiŽ en gewesten en EU-25, SILC 2008 (inkomen 2007)

 

 

 

BelgiŽ

Vlaams Gewest

Waals Gewest

EU-25*

eigenaar of zonder huur

 

10,0

7,4

13,5

13

huurder

 

28,5

19,7

38,2

25

Voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zijn geen cijfers beschikbaar.   
* afgeronde cijfers
bron: FOD Economie Ė Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie
: EU-SILC 2008 en Eurostat

 

Tabel 1m-2008: Armoederisicopercentage (<60% van het mediaan netto-inkomen) vůůr alle soc. overdrachten, na pensioenen en na alle soc. overdrachten, BelgiŽ, EU-25, SILC 2008 (inkomen 2007)

 

BelgiŽ

Vlaams Gewest

Waals Gewest

EU-25*

 

Totaal

Vrouw

Man

Totaal

Vrouw

Man

Totaal

Vrouw

Man

Totaal

Vrouw

Man

vůůr alle soc. overdrachten

41,7

44,1

39,2

36,9

39,0

34,8

47,5

50,5

44,4

42

45

39

na
pensioenen

27,0

28,0

26,1

21,0

21,8

20,3

33,3

34,5

31,9

25

26

24

na alle soc. overdrachten

14,7

15,8

13,6

10,0

11,1

9,0

19,5

21,1

17,8

16

17

15

Voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zijn geen cijfers beschikbaar.
*
afgeronde cijfers
bron: FOD Economie Ė Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie
: EU-SILC 2008 en Eurostat

 

 Tabel 1n-2008: Niet-monetaire indicatoren voor personen uit huishoudens onder en boven de armoedegrens, in %, BelgiŽ, SILC 2008 (inkomen 2007)

Niet-monetaire indicatoren

Totaal

Onder de armoedegrens

Boven de armoedegrens

lekkend dak, vochtige muren/vloeren of funderingen, of rottende vensteromlijstingen of vloeren

18

26

17

financiŽle problemen om de woning voldoende te verwarmen

6

17

5

geen bad/douche

1

2

1

woning is somber, donker

8

11

7

niet in de mogelijkheid om jaarlijks 1 week met vakantie te gaan

26

62

20

niet in de mogelijkheid verkeren om de 2 dagen vlees of vis te eten

5

18

3

geen middelen om kleuren-TV te hebben

0

1

0

geen middelen om PC te hebben

5

15

4

geen middelen om een auto te hebben

6

23

3

afgeronde cijfers
bron: Eurostat

 Laatste aanpassing : 03/12/10